Siegbert van Itallie

Van Eeghenstraat 2 huis, Amsterdam

Siegbert van Itallie is geboren op 24 november 1885 in Amsterdam en woonde met zijn ouders (vader Benjamin van Itallie (geb. 19 juni 1857, Amersfoort) en moeder Sara Josina de Jongh) aan de Regtboomsloot 95. Hij had 2 jongere zussen en 1 jongere broer, die alle drie de Tweede Wereldoorlog overleefden. Hij is getrouwd op 14 oktober 1914 met Jeanette van Beever (geboren 12 december 1887 in Amsterdam). Zij woonden eerst op de Van Eeghenstraat 2 huis in Amsterdam-Zuid, vanaf 10 maart 1943 op de Tugelaweg 111 in de Transvaalbuurt. Hij heeft een dochter (Josina) die de oorlog overleeft en een zoon (Jacobus) die in 1942 in Auschwitz wordt vergast. Siegbert is van beroep slager (zijn zoon Jacobus trouwens ook) en werkt bij Slagerij Fa. G. Polk, Markensteeg 9. Op zijn persoonskaart van de Joodse Raad staat als bijzonderheid vermeld: ‘doof’. Hij wordt lid van VAS in 1909 en behoort jarenlang tot de sterke eerste klassespelers. Hij is meer dan 30 jaar een trouw lid van VAS, tot het ook hem in 1941 verboden wordt door de Duitse bezetter aan het maatschappelijke leven deel te nemen. 

Siegbert heeft een Sperre, een tijdelijke vrijstelling van deportatie, wegens zijn functie. Toch besluiten Siegbert van Itallie en zijn echtgenote te gaan onderduiken. Tijdens hun zoektocht naar een onderduikadres vielen ze, zonder het zelf te weten, in handen van de beruchte verraadster Jeanne Valkenburg. Zij bood hen een schuilplaats in haar woning aan in de Van Ostadestraat in Amsterdam. Korte tijd later, op 28 mei 1943, verscheen daar Gerrit Mozer, rechercheur voor de Sicherheitsdienst bij het Bureau Joodsche Zaken, om het echtpaar Van Itallie te arresteren. Valkenburg leverde meer dan zeventig Joden uit aan de Duitsers. 

Op 8 juni 1943 wordt Siegbert samen met Jeanette vanuit Westerbork gedeporteerd naar Sobibor, in een transport met 3017 anderen. Ook Meyer Frederikstadt maakt deel uit van dit transport. Bij aankomst op 11 juni 1943 wordt iedereen direct vergast.

Na de oorlog wordt Valkenburg tot de doodstraf veroordeeld. Zij krijgt echter gratie en de straf wordt omgezet in een levenslange gevangenisstraf. In 1960 komt zij vervroegd vrij en overlijdt zij in 1968. Gerrit Mozer wordt veroordeeld tot de doodstraf, maar deze wordt een jaar later omgezet tot een levenslange gevangenisstraf. In 1956 komt Mozer vrij nadat zijn straf voorwaardelijk was kwijtgescholden. Hij overlijdt op 28 november 1957 in Amsterdam.

Bronnen: Partij verloren… Gedenkboek ter herinnering aan de schakers in Nederland, die tijdens de bezetting zijn omgekomen. (Eggink & Schelfhout) | Joods Monument | Jeanne de Leugenaarster. Adriana Valkenburg: hoerenmadam, verraadster, femme fatale (Bart Middelburg) | Oorlogsbronnen | CABR

Terug naar overzichtspagina

Er wordt gebruikgemaakt van diverse bronnen bij het opstellen van de artikelen over de 36, zoals de cartotheek en het boek ‘Partij Verloren’. Indien er aanvullingen of correcties op de betreffende artikelen zijn, neem dan contact met mij op via lode.broekman@gmail.com.